Voorjaars- en zomerbollen
Bloembollen kun je grofweg indelen in twee groepen, afhankelijk van het seizoen waarin ze bloeien:
Voorjaarsbollen
Deze bollen plant je in het najaar (september tot december), zodat ze in het voorjaar gaan bloeien. Bekende voorbeelden zijn:
- Tulpen
- Narcissen
- Krokussen
- Hyacinten
Ze zijn winterhard en hebben vaak kou nodig om goed te kunnen bloeien. Je ziet ze dan ook als een van de eerste bloemen na de winter.
Zomerbollen
Zomerbollen plant je na de laatste nachtvorst, meestal in april of mei. Ze bloeien in de zomer en houden van warmte en zon. Enkele bekende soorten:
- Dahlia’s
- Gladiolen
- Lelies
- Begonia’s
Zomerbollen zijn vaak niet winterhard en moeten in het najaar worden gerooid of beschermd worden tegen vorst.
Bloembollen en biodiversiteit
Bloembollen zijn niet alleen mooi, maar ook waardevol voor de natuur. Vooral voorjaarsbollen zijn belangrijk voor bijen en hommels, die vroeg in het jaar op zoek zijn naar voedsel. Bloemen zoals krokussen en blauwe druifjes bieden nectar en pollen, nog voordat veel andere planten in bloei staan.
Wie kiest voor biologische of bij-vriendelijke bollen draagt bij aan een gezonde tuin vol leven.
Jaarlijkse verrassing in de tuin
Een van de mooiste eigenschappen van bloembollen is dat ze vaak elk jaar opnieuw bloeien. Sommige soorten verwilderen zelfs, wat betekent dat ze zich vermeerderen en met de jaren een groter bloemenveld vormen. Denk aan boshyacinten, sneeuwklokjes en wilde tulpen.
Met een beetje aandacht kun je dus jarenlang plezier hebben van één keer planten.
Nederland als bloembollenland
Nederland speelt al eeuwen een hoofdrol in de bloembollenwereld. De beroemde tulpenvelden, vooral rond de Bollenstreek en de Keukenhof, trekken elk voorjaar miljoenen bezoekers. Nederland is ook de grootste exporteur van bloembollen ter wereld – met miljoenen bollen die elk jaar naar onder andere de VS, Japan en Duitsland worden verzonden.
De bloembollenhandel is een belangrijk onderdeel van de Nederlandse economie en cultuur.